Cijfers onderwijs (en zzp)

Het lerarentekort Primair Onderwijs

Dat de nood hoog is en scholen/besturen zich in bochten wringen om de problemen het hoofd te bieden, blijkt ook uit de maatregelen die zij nemen. Een kwart van de schoolbesturen met tekorten geeft aan noodgedwongen onbevoegden, stagiaires voor de klas te zetten en vragen vaker leraren om later met pensioen te gaan. Sinds 2018 zetten scholen ook met succes zelfstandige in. Vooral als invaller, maar het aantal zelfstandige dat preventief wordt ingezet is gegroeid van 3% (2018) naar 12% (2019)

De helft van de besturen verwacht ook komend schooljaar af en toe klassen naar huis te zullen moeten sturen. Ook voegen ze groepen samen, vragen zij leraren die parttime werken, meer uren voor de groep te staan en zetten ze vakleerkrachten in voor onder meer bewegingsonderwijs en muzieklessen.

Opvallend is wel dat, vergeleken met 2018, een kleiner deel van de scholen met tekorten kampt. Omdat het totaal aantal vacatures wél stijgt, betekent dit dat de tekorten op verschillende scholen extra hard neerslaat. Daarmee groeien de verschillen tussen scholen en daarmee ook  de kansenongelijkheid voor leerlingen.

Bron 1 Bron 2

Stille reserve

In 2015 werkten 31.000 onderwijsbevoegden (PO) níet in de onderwijssector. We noemen dit ‘de stille reserve’. De cijfers van stillereserve.nl wijzen uit dat 50% van de huidige stille reserve na 2015 het onderwijs is uitgestroomd. We kunnen de cijfers van 2015 verdubbelen naar 62.000 onderwijsbevoegden (PO) die niet meer in het onderwijs werken.

De conclusie is te trekken dat we geen tekort hebben in onderwijsbevoegden, maar in onderwijsbevoegden die voor het huidige pakket van ‘alleskunner’ willen werken met de huidige voorwaarden.

Het onderzoek op stillereserve.nl (ingevuld door meer dan 400 onderwijsbevoegden buiten het onderwijs) geeft het volgende weer als reden van uitstroom

Op 1 staat de organisatie van het onderwijs (beperkte mogelijkheden, beleidsmatig denken, meer beperkingen dan mogelijkheden). Gevolgd door nummer 2: de werkdruk. Kort daarna de expertise die het onderwijs op dit moment uit loopt.

Opvallend is dat minder dan de helft van de uitstroom nu meer verdient dan voorheen in het onderwijs

Eveneens opvallend: 47% is zelfstandige buiten het onderwijs. Dat zijn uit de losse pols 30.000 personen. onderwijs bevoegd, ondernemend en dus in potentie in te zetten als flexleerkracht.

Bron: De groene Amsterdammer nr 41 en stillereserve.nl

Cijfers met betrekking tot het platform

2018/2019

  • 125 flexleerkrachten
  • per persoon gemiddeld 3,3 dagen beschikbaar waarvan 2,9 ingezet. (90%)
  • Per dag: 7,3 uur.
  • Per schooljaar: 846 uur (40 schoolweken)
  • Besparing: Een Flexleerkracht is gemiddeld 27,50 euro goedkoper dan een zzp/loondienst via detachering.
  • 125*27,50*846= 2.900.000,- per jaar.


2019/2020 (maart 2020)

  • 240 flexleerkrachten
  • per persoon gemiddeld 3,7 dagen beschikbaar waarvan 3,0 ingezet (80%)
  • per dag: 7,5 uur
  • per schooljaar: 900 uur (40 schoolweken)
  • Besparing: Een Flexleerkracht is gemiddeld 25,00 euro goedkoper dan een zzp/loondienst via detachering.
  • 240*25,00*900= 5.400.000,- per jaar.

Percentage man/vrouw
2018-2019: 23% man – 77% vrouw. In loondienst is dit 19% man – 81% vrouw in loondienst po (bron)

2019-2020: 25% man – 75% vrouw. In loondienst is dit 19% man – 81% vrouw in loondienst po (bron)

Master gediplomeerd
Gemiddeld heeft op het platform 25 tot 30% een onderwijsgerelateerde master diploma. Po loondienst bedraagt 15-20% (bron)

Bezoekersaantallen
Schooljaar 2018/2019. Bijna 300.000 paginaweergaven

Schooljaar 2019/2020 (tot feb 2020). Halverwege het jaar zijn de cijfers van vorig jaar al gehaald. Gemiddeld aantal paginaweergaven per dag: 1000.

Totaal aantal Flexleerkrachten
December 2018: 95
December 2019: 181

Scholen / Flexleerkrachten per provincie

Juli 2019

Per provincie is uitgezocht hoeveel procent van de Nederlandse scholen daar gevestigd is en hoeveel procent van de Flexleerkrachten daar dan werkt. In de laatste kolom van onderstaande tabel is te zien in welke provincies relatief meer scholen zijn dan Flexleerkrachten en in welke provincies dit juist andersom is.

Uitschieters zijn Utrecht, Flevoland en Noord-Holland. Hier zijn relatief meer Flexleerkrachten aan het werk dan er scholen zijn. In de provincies Noord-Brabant en Zuid-Holland is dit juist andersom. Hier is dus plek voor meer Flexleerkrachten.

Gebruik van bovenstaande tekst(en) mag na toestemming.